In dit artikel

Donkerbladige beplanting

Voor de bekende Engelse landschapsarchitect Capabilty Brown was het een standaardregel: donkerbladige bomen, of bomen met een zware dichte kroon, staan op de voorgrond en bomen met lichtgekleurd blad of een transparante kroon mogen naar de achtergrond. Veel boomkeuze was er nog niet tijdens de periode dat hij leefde – van 1716 tot 1783 – maar de toen veel aangeplante roodbladige beuken plaatste hij steevast in de buurt van de bebouwing en een plataan bijvoorbeeld – in het voorjaar grijsachtig uitlopend en pas laat in het seizoen donker en gesloten – plaatste hij graag op de achtergrond. Zo creëerde hij diepte, met name handig op plaatsen waar niet voldoende diepte aanwezig was.
Een beplanting met veel roodtinten oogt zwaar, zeker wanneer er wordt gekozen voor roodbladig bij zowel bomen als heesters zoals hierboven met Beuk en Berberis.

Donkere kleuren komen op je af

Dit principe voor donker- en lichtbladige planten geldt ook voor de kleine tuin waar voornamelijk met vaste planten en heesters wordt gewerkt. Ook daar geldt dat donkere planten naar voren komen en lichte planten afstand creëren. Bij het samenstellen van een traditionele lange border met vaste planten zet men daarom vaak de donkerbloemige planten vooraan en de lichtbloemige planten achteraan. Zo lijkt die border langer dan hij uiteindelijk is.

Geelbladige Iep

Geelbladige bomen zoals deze iep – Ulmus glabra ‘Lutescens’ – zorgen voor een ruimtelijk gevoel. Hier is bewust gekozen om de kleur geel terug te laten komen in de border waar geelbloemige Euphorbia, Achillea en Solidago staan.

Geelbladige Robinia

Een geeldbladige Robinia pseudoacacia ‘Frisia’ staat hier aan het einde van de tuin. Omdat de erachter staande haag laag wordt gehouden, is extra diepte gecreëerd. Twee manieren om een ruimte groter te laten lijken dan hij werkelijk is.

Leaf5Leaf6